gelijkvloers

model showing the wooden structure of the new building and the glazed corridor (student model London Metropolitan University)

de expressieve houten structuur van de publieke ontvangstruimte draagt de archieven op de eerste verdieping

046 Stadhuis Lo-Reninge

Restauratie en uitbreiding van voormalig klooster tot stadhuis

Procedure Architectuurwedstrijd
Opdrachtgever Dexia / stadsbestuur Lo-Reninge
Oppervlakte 940 m2
Fase voltooid
Datum 2008 – 2011

De Stad Lo-Reninge, een landelijke plaats met een uitgesproken historisch karakter, telt ruim 3000 inwoners. Bouwwerken opgetrokken uit een typische gele baksteen uit plaatselijke klei,domineren het beeld. Reeds sinds de vroege middeleeuwen snijdt een hoofdstraat, met aan de zuidzijde het marktplein, de dorpskern doormidden. Hier ligt het voormalige zestiende-eeuwse zusterklooster, dat recent door het stadsbestuur werd verworven om in gebruik te nemen als stadhuis.

Het oude klooster bestaat uit een langwerpig hoofdgebouw aan de pleinzijde en twee vleugels die er dwars op staan. Binnen vinden we een ingewikkeld doolhof van gangen, trapjes en kamers. Als stadhuis bruikbaar, maar voor de meeste publieke functies niet. Daarom wordt een later aangebouwde vleugel vervangen door een publiek en open gebouw. Een nieuwe glazen gang vormt de overgang tussen marktplein, voorplein en tuin. Hier komt men binnen, hier wordt alles met elkaar verbonden.

Het nieuwe gebouw ontwikkelt zich als de typische langgevelhoeve uit de polders, waarin woning, schuur en stal in elkaars verlengde liggen. Alles wordt geconstrueerd in hout als contrast met de bakstenen buitenschil. De keuze voor hout als structureel materiaal bepaalt de stemming van de publieke ontvangstruimte. Het gewicht van het uitgebreid archief dat zich erboven bevindt, wordt weerspiegeld in de houten kolommen en het expressief balkenplafond die de kleinschalige, langgerekte ruimte sterk bepalen.

Een goede buur van het oude klooster zoekt naar verwantschap. De verhouding van raam tot muur, van muur tot gebouw, van baksteen tot baksteen wordt onderzocht. Een pannendak zonder goot dekt het geheel af. We gebruiken een recuperatiesteen die door de kleurschakering, vorm en het formaat nauw aansluit bij de bakstenen van het klooster. De stenen, in wild verband gemetseld, zijn gevoegd met een traditionele kalkmortel. Dezelfde mortel wordt vervolgens in meer vloeibare vorm als een sluier over de stenen aangebracht. De gevel wordt zacht en de individuele stenen zijn niet langer afleesbaar.