015 Concertzaal De Kreun Kortrijk

Haalbaarheidsstudie

i.s.m. kunstenaar Benoit van Innis
Opdrachtgever De Kreun
Datum 2004

De nieuwe concertzaal is een alleenstaand volume, als een vooruitgeschoven deel van het Muziekcentrum, een project dat op korte termijn zal worden gerealiseerd door de stad Kortrijk in het voormalige Conservatoriumgebouw.
Door zijn positie bakent de Concertzaal een toegangsplein af voor het nieuwe Muziekcentrum in het verlengde van het Casinoplein en vormt er als het ware de vierde ontbrekende wand.

Een onduidelijke stedelijke situatie wordt scherpgesteld mét aandacht voor de kwaliteiten van het Casinoplein, de bestaande zichtlijnen tussen Grote Markt en Conservatoriumgebouw en de belangrijke open ruimte achter het Conservatoriumgebouw waar op middellange termijn belangrijke ontwikkelingen worden verwacht. Meteen is ook de link met het station gelegd.
Het rechthoekige volume is ca 30 bij 20 meter en 8,5 meter hoog en bevat een moduleerbare concertzaal voor 200/400/600 personen met secundaire functies als kleedkamers, berging, sanitair en bar/foyer.
Boven de bar hangt een verlengstuk van het foyer of lounge vanwaar het balkon van de zaal bereikt wordt.
Twee trappen naar het balkon binnen en buiten de zaal laten een vrije circulatie toe tussen foyer/bar en de zaal.

De verschijning van de concertzaal wordt bepaald door witte wanden uit zwaar metselwerk. De stenen worden vermetst met minimale verspringingen en vervormen de geveloppervlakken. Deze verkrijgen het aspect van een blad papier.

Grote lijntekeningen worden door kunstenaar Benoît op de witte gevels aangebracht. Deze figuren worden uitgevoerd met verf die overdag niet of nauwelijks zichtbaar is maar bij duisternis een lichtgevende gloed verkrijgt.
Overdag zal het gebouw de neutrale uitdrukking hebben van een witte doos met de vorm van een suikerklont.
‘s Nachts zullen de figuren zichtbaar worden en zal de concertzaal tot leven komen. De grote ramen tonen de activiteit binnenin.
De witte buitenzijde zal contrasteren met de zwarte zaal, het foyer krijgt een bemiddelende rol.